7 fouten bij bloembollen planten (en hoe je ze voorkomt)
Bloembollen planten is makkelijk. Een gat, een bol, aarde erop, klaar. Toch blijft het in het voorjaar soms stil in de border. Meestal ligt dat niet aan de bol, maar aan een klein foutje bij het planten. Wij zetten de zeven meest gemaakte fouten op een rij, zodat jij straks wél een tuin vol bloei hebt.
1. Tulpen te vroeg planten
Narcissen en krokussen mogen al in september de grond in, maar tulpen hebben geen haast. Volgens kwekers en bloembollenbureau iBulb plant je tulpen pas als de bodem structureel onder de tien graden is. In warme, vochtige grond slaat de schimmel tulpenvuur namelijk makkelijk toe. Vuistregel: plant je tulpen als de bomen hun blad verliezen. November is ideaal.
2. Te ondiep planten
Een bol die te hoog zit, droogt sneller uit, vriest eerder kapot en valt makkelijker om. Plant je bollen twee à drie keer zo diep als ze hoog zijn. Een tulp zit dan op zo’n 15 centimeter.
3. De bol op zijn kop zetten
De punt hoort omhoog, de platte kant met de wortelkrans naar beneden. Twijfel je bij een vormeloze knol? Leg hem dan op zijn zij. De scheut vindt zelf de weg naar boven.
4. Planten in natte grond
Bollen houden niet van natte voeten. In grond waar water blijft staan, gaan ze rotten. Heb je zware klei? Meng er dan wat zand of compost door, of plant in een verhoogd bed of in een pot met gaten in de bodem.
5. Losse bolletjes verspreid door de tuin
Eén tulp hier, twee narcissen daar: het resultaat oogt eerder rommelig dan feestelijk. Plant liever in royale groepen van minimaal tien tot twintig bollen. Dan krijg je echt een kleurvlak. [interne link: blog groot planten]
6. Bollen te lang in de schuur laten liggen
Een zak bollen die wekenlang in een warme schuur of auto ligt, droogt uit of gaat schimmelen. Bewaar ze koel, droog en luchtig tot je ze plant, en wacht er niet onnodig lang mee.
7. Het blad te vroeg afknippen
Je tulpen zijn uitgebloeid en het blad oogt rommelig. Toch niet knippen! Het groene blad werkt als een zonnepaneel en vult de bol weer op voor volgend jaar. Laat het staan tot het vanzelf geel wordt, meestal zo’n zes weken na de bloei. Haal alleen de uitgebloeide bloem eraf.